Model voor anticiperend waterbeheer
  • Is water vasthouden en waterbergen niet per definitie strijdig met elkaar?
    Dit is inderdaad de algemeen aanvaarde opvatting. Vanwege het principe ‘vol is vol’ zal in een gebied dat is ingericht voor de berging van neerslagpieken, het geborgen water zo snel mogelijk geloosd moeten worden om weer een volgende hoogwaterpiek te kunnen bergen. In dit project willen we nagaan of het mogelijk is om het geborgen water na een piekafvoer toch zo lang mogelijk vast te houden in het bergingsgebied, zodat het water ter plaatse gezuiverd kan worden van stikstof en fosfaat en het schone water weer kan worden hergebruikt. RichWaterWorld laat zien dat het mogelijk is om tijdig een volgend hoogwaterprobleem te zien aankomen, door een slimme benutting van weersverwachtingsmethoden, aangevuld met sensor-informatie over (grond)water en bodemvochtigheid. Daarmee kan de waterbeheerder het gebiedseigen water zo lang mogelijk in het waterbergingsgebied vasthouden voor suppletie bij watertekort, en tijdig besluiten om het water te lozen op het buitenwater als de waterberging gebruikt moet worden voor het opvangen van een hoogwaterpiek.
  • Waarom is vasthouden van wateroverschot eigenlijk nodig of gewenst in Park Lingezegen?
    Op dit moment is er nog geen acute aanleiding voor waterretentie. Maar in de Knelpuntenanalyse, die is uitgevoerd voor het Deltaprogramma Zoetwater, is berekend dat in de periode tot 2050 bij het warme klimaatscenario W / W+ er watertekorten zullen ontstaan. Dit komt omdat de inlaat van rivierwater uit het Pannerdens Kanaal naar de Linge regelmatig enkele weken gestaakt zal moeten worden om de Rijntakken bevaarbaar te kunnen houden. Voor droogtegevoelige teelten zoals fruitteelt in de Betuwe en om verdroging van de natuur tegen te gaan is het noodzakelijk om gebiedseigen water langer vast te houden, met name in het bovenstroomse deel (‘de Kop van de Betuwe’), waar Park Lingezegen is gelegen.
Sensoren en Weermodellen
  • Hoe worden de meetgegevens toegankelijk gemaakt?
    De gegevens afkomstig van de sensoren in bodem en water en van de meteomast worden telemetrisch overgestuurd naar het dataplatform WaterRijkWeb en na verwerking in het hydrologisch model op deze website gevisualiseerd.
  • Welke parameters worden gemonitord?
    Meteorologisch: neerslag, windsnelheid, windrichting, luchtdruk, lucht temperatuur en relatieve vochtigheid & Hydrologisch: oppervlaktewaterpeil, bodemvocht, bodemzuigspanning, grondwaterstanden (freatisch en in de watervoerende lagen).
  • Neerslagverwachtingen komen toch nooit uit, hoe kun je hier dan scenario’s voor maken en toepassen?
    Eén enkele verwachting, gebaseerd op één bron (zoals één weermodel, of één radarbeeld), komt inderdaad niet altijd uit. Neerslag is grillig, neerslaggebieden kunnen later komen of een andere koers volgen. Buien kunnen zorgen voor grote neerslagverschillen op korte afstand. Door echter meerdere modellen te combineren, en radarbeelden te integreren met de berekeningen van weermodellen, is het mogelijk om te komen tot een kansverwachting voor neerslag in drie categorieën: het blijft droog, er kan wat neerslag vallen, er wordt piekneerslag verwacht. Elke categorie wordt doorgerekend door het hydrologisch model. De waterbeheerder kan vervolgens besluiten op basis van de kans én de uitkomsten van het hydrologisch model of aanvullende beheersmaatregelen nodig zijn.
  • Is er in een rietmoeras ooit wel sprake van droogte?
    Rietlanden vereisen een bepaald (grond)waterpeil opdat het riet zich kan handhaven. Echt droog wordt zo’n gebied niet. In drogere perioden zal immers water moeten worden ingelaten. Dit water moet goede kwaliteit hebben. Hiervoor is het van belang dat in het gebied opgeslagen water gezuiverd is zodat gebiedseigen water kan worden gebruikt in een droge periode. Het analyseren en verwachten van droge perioden bepaalt hoeveel water moet worden opgeslagen in een natte periode.